“Gaan jullie samen op reis?”, vroegen een aantal vrienden vooraf bezorgd. “Twee meisjes alleen in Marokko??” We haalden dan onze schouders op en zeiden dat alles wel zou meevallen. Toch hadden we niet echt een idee hoe het zou lopen. Heel goed, zo bleek tijdens de reis. Reizen met vriendinnen in Marokko is eerder een voordeel dan een nadeel. Grieten samen op reis brengt bij de meeste mannen hun ridderlijkste zelve naar boven.

We kregen spontaan hulp aangeboden bij het zoeken naar onze riad (traditioneel Marokkaans huis, omgebouwd tot gastenverblijf), een plein of museum. Op straat riepen de mannen ons ‘Bonjour, gazelles!’ toe, een vriendelijk bedoelde groet voor (buitenlandse) vrouwen. Slechts zelden werd de aandacht van mannen opdringerig en vervelend. We letten er dan ook op om onze schouders en knieën bedekt te houden, uit beleefdheid.

De enige keer dat mijn reisgenote H. zich ongemakkelijk voelde, was bij de aankoop van haar mooie lampen. Ze had in een winkeltje in de soeks twee lampen besteld die de dag erop klaar zouden zijn. Natuurlijk waren ze dat nog niet en de winkelier, een twintiger (even oud als wij!), zat er erg verveeld mee. Hij en zijn nog jongere zakenpartner stelden voor dat we meteen naar de atelier zouden gaan om daar de lampen op te halen.

Het duo leidde ons door de soeks en de smalle straten van de medina (het oude centrum) tot aan een gebouw met een grote en donkere binnenplaats. Ze gingen ons voor op de trappen tot ze bij een klein kamertje halt hielden waar een drietal jongens (allemaal twintigers) druk bezig waren met lassen, snijden en hameren. De lampenmakers keken nauwelijks op van hun werk toen we binnen kwamen en plaats namen tussen de rommel.

H. had de schrik van haar leven, daar in het atelier. Die jongens zouden ons elk moment kunnen bespringen en er was niemand in de buurt om ons te helpen. Ik beleefde het helemaal anders. Ik had een fijn gesprek met een van de winkeliers en vond het tof om te zien hoe de lampen gemaakt werden. De gasten deden me denken aan mijn vrienden in België: relaxte jongens die gezellig samen zaten en wat praatten en rookten (het enige verschil was dat ze niet dronken – of het moest thee zijn).

Ofwel was ik een naïef kieken dat wachtte om verkracht te worden, ofwel was mijn reisgenootje volledig paranoïde. De waarheid zal waarschijnlijk ergens in het midden liggen. Ik zie maar heel zelden meteen het slechtste in iemand en geef mensen altijd het voordeel van de twijfel. Mijn reisgenote daarentegen zag overal gevaar en bedrog en wantrouwde iedereen die op haar af kwam. Die totaal verschillende levenshoudingen hebben beide hun voor- en nadelen. Zo ben ik al een keer bestolen geweest (bij de douane van Slowakije!).

Dat voorval heeft mijn levensmotto niet veranderd. Iedereen is onschuldig tot het tegendeel bewezen is. En als ik op die manier in mijn eigen ongeluk stort, dan is dat maar zo.